Arinda van der Does:

BOEKEN:

  • Tuingeschiedenis in Nederland II Denken en doen in de Nederlandse tuinkunst 1500-2000, Ulvenhout 2016 (eindredactie)
  • Tuingeschiedenis in Nederland. Veelzijdig erfgoed in ’t groen, Utrecht 2009 (eindredactie)

ARTIKELEN:

  • Arinda van der Does, ‘Harmen de Vries en zoon’, CASCADE bulletin voor tuinhistorie, jrg. 26, nr. 1 (2017), pp. 25-35.
  • Wim Meulenkamp en Arinda van der Does, ‘Het kurkschors-prieel in de pastorietuin te Wijhe’, PorteFolly, nr. 44, winter 2017, pp.30-31
  • Arinda van der Does, ‘Toelichting op een negentiende-eeuws ontwerp van H: de Vries en Zoon’, Tuingeschiedenis in Nederland II Denken en doen in de Nederlandse tuinkunst 1500-2000 , pp. 151-160 
  • Arinda van der Does, ‘Aangelegd door zekeren Post. Het werk van Johan Philip Posth in Gelderland’, Jaarboek Achterhoek en Liemers, s.l. 2015, pp. 41-54. (In deze uitgave is de titel van mijn artikel foutief opgenomen)
  • Arinda van der Does, ‘De driepuntsbrug – een verkenning’, CASCADE bulletin voor tuinhistorie, jrg. 24, nr. 1 (2015), pp. 44-51.
  • Arinda van der Does, ‘Johan Philip Posth en zijn werk op Enghuizen bij Hummelo’, CASCADE bulletin voor tuinhistorie, jrg. 23, nr. 2 (2014), pp. 7-12.
  • Arinda van der Does, Johannes Montsche & Harmen de Vries, TuinTerTijd II, 2013.
  • Arinda van der Does, Johannes Montsche kon zelfs boomen planten daar nimmer boom en stond, TuinTerTijd I, 2012.
  • Arinda van der Does, ‘Johannes Montsche (1734 – 1799)’, CASCADE Bulletin voor tuinhistorie, jrg. 21, nr. 1 (2012), pp. 30-37.
  • Arinda van der Does, Gijsbert van Laar (mei 1768- 13 december 1820).
  • Arinda van der Does en Jan Holwerda, ‘Getrokken uit de voornaamste buitenlandsche werken Concordantie Van Laar’s Magazijn-Grohmann’s Ideenmagazin’, CASCADE Bulletin voor tuinhistorie, jrg. 19, nr. 2 (2010), pp. 9-24.
  • Arinda van der Does en Jan Holwerda, Concordantie Van Laar’s Magazijn van Tuin-sieraaden Grohmann’s Ideenmagazin, Gendringen/Elst 2010.
  • Arinda van der Does, ‘Gijsbert van Laar, (1767-15 december 1820)’, CASCADE Bulletin voor tuinhistorie, jrg. 17, nr. 1 (2008), pp. 7-17. 

 

Wim Meulenkamp: 

BOEKEN:

Follies & tuingebouwen:

  • Theekoepels en tuinhuizen in de Vechtstreek, Heureka, Weesp 1995. 
  • Follies: A National Trust Guide, Cape, London 1986 (met Gwyn Headley); (tweede editie, Cape, London 1990, onder de titel: Follies: A Guide to Rogue Architecture in England, Scotland and Wales; derde editie Aurum Press, London 1999, onder de titel: Follies Grottoes & Garden Buildings); vierde editie: Follies of England, 40 Ebooks, per graafschap (Heritage Ebooks, 2012).
  • Follies: bizarre bouwwerken in Nederlands en België, De Arbei­derspers, Amsterdam/Antwerpen 1995.
  • Follies en tuinsieraden, Matrijs, Utrecht 1994.
  • Langs historische parken en tuinen in Nederland en België, Kosmos, Utrecht/Antwerpen 1994. 
  • Brickwork: Architecture and Design, Abrams, New York 1993 (met Andrew Plumridge) [verdere edities in Groot-Brittannië: Studio Vista, Londen, Frankrijk: Anthèse, Arcueil, en Duitsland: Deutsche Verlags-Anstalt, Stuttgart].

Funerair:

  • Funeraire Cultuur: Utrechtse Heuvelrug, Aspekt/Vereniging De Terebinth, Soesterberg/Rotterdam 2004 (met Edwin Maes).
  • Funeraire Cultuur: Utrecht, Aspekt/Vereniging De Terebinth, Soesterberg/Rotterdam 2003.
  • Buiten de Kerk: processieparken, Lourdesgrotten en Calvarie­ber­gen in Nederland en België, Aspekt, Nieuwegein 1998 (met Paulina de Nijs).

Tuinkunst algemeen:

  • De gardeneske tuin: Huize Jekschot te Veghel rond 1900, TuinTerTijd, Netterden 2015 (met Jan Holwerda).

ARTIKELEN:

  • Wim Meulenkamp en Arinda van der Does, Het kurkschors-prieel in de pastorietuin te Wijhe, PorteFolly, nr. 44, winter 2017, pp.30-31
  • ‘The Idol of Brock’: twee nieuwe beschrijvingen (1819/1843) van de tuin van Klaas Bakker Jzn te Broek in Waterland en de zich daarin bevindende automatons’, PorteFolly, nr. 41, winter 2014, p.3-9.
  • Gedenken en benoemen’, Onze eigen tuin, LX, nr. 2, winter 2014, p.42-43.
  • ‘Oorlog in de tuin’, Onze eigen tuin, LIX, nr. 2, zomer 2013, 42-43. [over ‘battle’gardens, naumachia, &c.] 
  • Gaze-about’: gazebo en de reisdagboeken van John Byng, 5th Viscount Torrington (1743-1813)’, Portefolly: Nieuwsbrief van de DonderbergGroep, nr. 38, winter 2013, 18-21.
  • ‘De zoete wateren’, Onze eigen tuin, LVIII, nr. 4, winter 2012, 40-41.
  • ‘Arboreta en exotische bosjes’, Onze eigen tuin, LVIII, nr. 3, herfst 2012, 42-43. ‘-‘Ferme ornée’, Onze eigen tuin, LVIII, nr. 1, lente 2012, 12-13.
  • ‘In de geest van de druïden’, Onze eigen tuin, LVII, nr. 2, herfst 2011, 22-23.
  • De Diogenes-ton als tuinornament in Europa aan het eind der achttiende eeuw: Duitsland, Zweden, de Nederlanden’, Cascade: bulletin voor tuinhistorie, XX, nr. 1 2011, 28-40.
  • Tuinkunst onder de nazi’s’, Onze eigen tuin, LVII, nr. 2, zomer 2011, 40-41.
  • ‘Am Rande chinesisch: Chinoise Architekturen im Grenzland der Niederlande und Deutschland’, in: Dirk Welich (red.), China in Schloss und Garten: Chinoise Architekturen und Innenräume (Tagungsband), Dresden 2010, 100-105.
  • ‘De tuin in huis’, Onze eigen tuin, LVI, nr. 3, herfst 2010, 38-39 (wintertuinen).
  • ‘De hele beestenboel’, Onze eigen tuin, LVI, nr. 2, zomer 2010, 18-19 (menagerieën).
  • ‘Vrijmetselarij in de tuinkunst’, Onze eigen tuin, LVI, nr. 1, lente 2010, 40-41.
  • ‘Gaze-about, gazebo en de reisdagboeken van John Byng’, in, Arinda van der Does en Jan Holwerda (red.), Tuingeschiedenis in Nederland, Uitgeverij Martijs, Utrecht 2009, 158-164. -‘De schouders van Grace Kelly of Little Merlin’s Cave: de Engelse landschapstuin als erotische metafoor’, in, Wim Huijser en Perry Pierik (red.), Britain 01, Uitgeverij Aspekt, Soesterberg 2009, 149-180. met Karin Westerink) 
  • ‘Omhoog, altijd omhoog’, Onze eigen tuin, LV, nr. 4, winter 2009, 18-19. [over fonteinen]
  • ‘Tuinen van angst en schrik’, Onze eigen tuin, LV, nr. 3, herfst 2009, 20-21. 
  • ‘”Gärtner”, leraar en vrijmetselaar?: nieuwe gegevens over Johann Georg Michael’, Cascade: bulletin voor tuinhistorie, XVIII, nr. 1, 43-47 (met Martin van den Broeke).
  • ‘Gewijd aan de wind’, Onze eigen tuin, LIV, nr. 4, winter 2008, 16-17. [over tuinen en wind]
  • ‘Groen religieus erfgoed’, Tuinjournaal, XXV, nr. 1, september 2008, 10-12.
  • ‘Tuinen van het kleine volk’, Onze eigen tuin, LIV, nr. 2, zomer 2009. 30-31. [tuinkabouters].
  • ‘Klein-Glienicke im Kleinen: Niederländische Stibadien nach preußischem Vorbild’, in, Preußische Gärten in Europa: 300 Jahre Gartengeschichte, Stiftung Preußische Schlösser und Gärten Berlin Brandenburg/Edition Leipzig, Potsdam/ Leipzig 2007, 98-103 (met Carla Oldenburger-Ebbers).  (tevens een Engelse editie)
  • ‘Illusie & bedrog’, Onze eigen tuin, LIII, nr. 3, herfst 2007, 32-34. [over trompe l‘oeil’s, schotten en blikvangers]
  • ‘Nieuwe gegevens over de uitgave van Gijsbert van Laar’s Magazijn van tuin-sieraaden’, Cascade: bulletin voor tuinhistorie, XVI, nr. 2, 2007, 14-17.
  • ‘Ondermaats en bovenmatig’, Onze eigen tuin, LIII, nr. 1, lente 2007, 42-43. [reuzen en dwergen in de tuin]
  • ‘Kunst noch kitsch: cementrustiek: een verloren stijl en ambacht, in, Praktijkboek Instandhouding Monumenten, afl. 29, december 2006, deel 1 Algemeen, 5, 1-8.
  • ‘Kunst noch kitsch: cementrustiek: een verloren stijl en ambacht, Taco Hermans, Michiel van Hunen en Huub van de Ven (red.), Monumenten in beton: ontwikkeling en herstel van historisch beton, Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten, Zeist, 2006, 37-46. -‘Groene religie’, Onze eigen tuin, LIV, nr. 2, zomer 2008, 38-39.
  • De bewoonde tuin: sierkluizenaars in het landschapspark’, Onze eigen tuin, LI, nr. 2, zomer 2005, 36-37.
  • ‘Bij de herdruk’, De Ridder-matige Huysen en Gesighten in de Provincie van Utrecht […] door C. Specht tot Utrecht Ao 1698, Canaletto, Alphen aan den Rijn 2005, [zonder paginering]. –
  • ‘’Processie- en devotieparken: het voorbeeld Overdinkel’, Op tocht, XV, nr. 7, september 2004, 22-23.
  • ‘Vals verleden: ruïnes en schijnruïnes in de landschapstuin’, Onze eigen tuin, L, nr. 2, zomer 2004, 40-41. 
  • ‘De Twaalf Apostelen als semi-religieus motief in de tuinkunst’, Cascade: bulletin voor tuinhistorie, XIII, nr. 1, 2004, 34-44 (met Liselotte Coenen).
  • ‘Drie funeraire variaties op een Doorns ontwerp’, De Terebinth, XVII, nr. 4, december 2003, 58-59 (met Edwin Maes). 
  • ‘Cascades’, Onze eigen tuin, XLIX, nr. 3, herfst 2003, 34-35.
  • ‘De kurkbekleding van de serre Hamdijk 9, Booneschans: een zeldzaam relict van rustieke decoratie’, Nieuwsbrief De DonderbergGroep, nr.  22, zomer 2003, 11-13.
  • Cementrustiek: gekopieerde natuur’, Onze eigen tuin, XLIX, nr. 2, zomer 2003, 42-43.
  • ‘De cementrustieke brug van kasteel De Haar, een gemiste kans’, Bulletin KNOB, CII, nr. 1, 2003, 8-12 (met Eric Blok en Theo Wit).
  • ‘De “Holländereien” de “Dutch Scene”: Holland als exotische partij in de 18de-eeuwse Europese landschapstuin’, Jaarboek Monumentenzorg 2002: Een trapgevel in Potsdam, monumentenzorg over grenzen, Waanders/Rijksdienst voor de Monumentenzorg, Zwolle/Zeist 2002, 144-148.
  • ‘Nu eens geen kruidentuintje: de kloostertuinen van St. Agatha’, Sint Aegten kroniek, V, nr. 3-4, december 2002, 13-19.
  • ‘De entourage van kerk en klooster’, 1-2-1 katern, XXX, nr. 14, 13 september 2002, 14.
  • ‘[Review:] Carla S. Oldenburger-Ebbers, Anne Mieke Backer and Eric Blok, Gids voor de Nederlandse tuin- en landschapsarchitectuur, Garden History: Journal of the Garden History Society, XXX, no. 2, 2002, 264-265.
  • ‘Herinneringen van A.W. Engelen aan de tuinaanleg van De Mellard: een ferme ornée uit circa 1800’,Cascade: bulletin voor tuinhistorie, X, 2001, nr. 2, 31-39.
  • ‘De pastorietuin van De Goorn in 1697: een bloemhof naar model van Jan van der Groen’s Den Nederlandtsen Hovenier’, Cascade: bulletin voor tuinhistorie, X, 20001, nr. 1, 36-48.
  • ‘De versierde tuin: follies en andere tuinsieraden in Nederland’, Monumenten, XX, nr. 10, oktober 1999, 26-29.
  • ‘Duiventoren en duiventil als decoratieve architectuur in de negentiende eeuw’, Nieuwsbrief De DonderbergGroep, nr. 15, zomer 1999, 10-11.
  • ‘Duiventorens: een inleiding’, in, Rody Chamuleau (red.), Op hoge poten: duiventillen en –torens in het literaire landschap, Bosbespers, Oosterbeek 1999, 9-13.
  • ‘Enkele opmerkingen over de positie van de buitenplaats in Nederland’, Cascade: bulletin voor tuinhistorie, VII, nr. 2, 35-44. ‘Winkeliersdroom: Welgelegen te Rijswijk en de Parvenu-stijl’, Jaarboek Monumentenzorg 1998: Buitenplaatsen, Waanders/Rijksdienst voor de Monumentenzorg, Zwolle/Zeist 2002, 173-183.
  • ‘Cementrustiek: een vergeten negentiende en vroeg twintigtigste eeuwse stijl en techniek; met een checklist van Nederlandse en Belgische ateliers en locaties, deel 2’, Nieuwsbrief De DonderbergGroep, nr. 13, zomer 1998, 7-19.
  • ‘De Tataarse Zaan: Tataarse koepels in en om de Zaanstreek’, ANNO 1961/Met Stoom, nr. 30, juni 1998, (speciaal nummer: Stroine in toine – parken en tuinen in de Zaanstreek), 22-23.
  • ‘Boekbespreking: Carla Oldenburger-Ebbers e.a, Gids voor de Nederlandse tuin- en landschapsarchitectuur. Deel West […]; Eric Blok, Nederlandse Tuinarchitectuur V’, Cascade: bulletin voor tuinhistorie, VII, nr. 1, 60-62.
  • ‘Cementrustiek: een vergeten negentiende- en vroeg twintigste eeuwse stijl en techniek; met een checklist van Nederlandse en Belgische ateliers en locaties, deel 1’, Nieuwsbrief De DonderbergGroep, nr. 12, winter 1998, 2-7.
  • ‘Kunstmatige rots- en grotwerken in Nederlandse en Belgische landschapsparken, Groen, LII, nr. 1, 1996, 18-21.
  • ‘De werkenlijst van rotseerder Victor Janssens te Westmeerbeek’, Nieuwsbrief De DonderbergGroep, nr. 7, voorjaar 1995, 14.
  • ‘De koepel in de literatuur: motieven bij Beets, Potgieter en Dickens’, Nieuwsbrief De DonderbergGroep, nr. 7, voorjaar 1995, 2-5.
  • ’Boeken: Hovenierskunst in palmet en pauwstaart: geschiedenis en techniek van het snoeien van leifruit’, Groen, LI, nr.  3, 1995, 45.
  • ‘De cultus van de hermitage in Nederland’, Tuinjournaal, XI, nr. 4, augustus 1994, 21-23.
  • ‘Kluizenaars, boeren en dagloners: levende en quasi-levende stoffering in de landschapstuin’, in, Caroline van Eck e.a. (red.), Het Schilderachtige: studies over het schilderachtige in de Nederlandse kunsttheorie en architectuur 1650-1900, Architectura & Natura Pers, Amsterdam 1994, 75-84.
  • ‘Het Belvedere op de “Oude Borg” bij Merum: een verdwenen chinoiserie’, id., 27-29.
  • ‘Jan David Zocher jr. op Hardestein rond 1840: een hors catalogue’, Cascade: bulletin voor tuinhistorie, II, 1993, nr. 1-2, 19-21.
  • ‘Tuin en kluisje van Wolff en Deken op Lommerlust, Beverwijk: een poging tot reconstructie’, in, Cascade: bulletin voor tuinhistorie, II, 1993, nr. 1-2, 85-105.
  • ‘De cultus van de hermitage in Nederland’, in, Meta Bison (red.), “Ô laage hut! Meer grootsch dan vorstelyke hoven”: het kluisje van Betje Wolff en Aagje Deken te Beverwijk, Stichting tot Behoud van het Tuinhuisje [etc.], Beverwijk [1993], 57-74.
  • ‘Boeken: Natuur en Kunst: Nederlandse tuin- en landschapsarchitectuur 1650-1750’, Groen, XLIX, nr. 12, 1993, 48-49.
  • ‘Boeken: The Authentic Garden: A Symposium on Gardens’, Groen, XLIX, nr. 4, 1993, 43-44.
  • ‘Drie bedreigde Utrechts tuinfollies’, Mededelingen Stichting Utrechtse Kastelen, nr. 41, tweede kwartaal 1993, 17-23.
  • ‘Mode en originaliteit in de tuinornamentiek: tuinfollies in de 18e en 19e eeuw’, Tuinjournaal, X, nr, 2, mei 1993, 23-25.
  • ‘Een ideale wereld binnen de ommuring’, Baksteen, nr. 11, april 1993, 14-17.
  • ‘Irenopolis, of De laatste dagen der DDR tuinhistorisch verklaard’, in Rudi Wester (red.), Roekeloze reizen: de beste reisverhalen van 1992, Uitgeverij Contact, Amsterdam en Antwerpen 1993, 97-111.
  • ‘Clingendael’ en
  • ‘Verwolde’, in, René Bosch van Drakenstein e.a., Historische lusthoven in de Lage Landen, Kosmos-Z&K Uitgeverij, Utrecht en Antwerpen 1992, 56-63, 144-151.
  • ‘Boeken: Architectuur als sieraad van de natuur; de architectuurtekeningen uit het archief van J.D. Zocher jr. (1791-1870) en L.P. Zocher (1820-1915)’, Groen, XLVIII, nr. 4, 1992, 44.
  • ‘Alden Biesen: de teloorgang van een park met bijzondere tuingebouwen’, Nieuwsbrief De DonderbergGroep, I, nr. 1, 1992, 3. 
  • ‘Tuingebouwen: stijlen en soorten’, in, K.M. Veenland-Heineman, Tuin & park: historische buitenplaatsen in de provincie Utrecht, Matrijs, Utrecht 1992, 59-72.
  • ‘Irenopolis, of De laatste dagen der DDR tuinhistorisch verklaard’, Maatstaf, XL, nr. 3, maart 1992, 24-36.
  • ‘Willem Leevend, Wolff en Deken, Lommerlust en de landschapstuin’, Cascade: bulletin voor tuinhistorie, I, nr. 2., 14-20.
  • ‘”Mollenhoopen aan de beken…”: aantekeningen bij een schertsbeschrijving van Beekhuizen uit 1862’, Cascade: bulletin voor tuinhistorie, I, nr. 2, 8-12.
  • ‘”Das Gartenreich”: historische tuinen en tuingebouwen in de voormalige DDR’, Groen, XLVII, nr. 1, 1991, 30-33.
  • ‘Een Biedermeier handleiding voor het snelschilderen van bloemen’, Cascade: bulletin voor tuinhistorie, I, nr. 1, 10-12.
  •  ‘Authentieke tuinen?: het symposium “The Authentic Garden” in Leiden’, Groen, XLVI, nr. 7, 1990, 27-28.
  • ‘Losing the Headstart: Turkish Tents in The Netherlands 1700-1900’, Follies: The Newsletter of the Folly Fellowship, No. 5, Spring 1990, 10-11.
  • ‘[catalogusnrs. 44-47: Landfort: landschappelijke aanleg, duiventoren J.T. Übbing en brug], in, “Meer om Cieraet als Gebruijck”: tuingeschiedenis van Gelderse buitenplaatsen/Kunstbezit uit Gelderse kastelen, Stichting Vrienden der Geldersche Kasteelen/Stichting Het Geldersch Landschap, Arnhem 1990, 98-102.
  • ‘”In de Turksche Smaak…”: de Turkse tent, de Moorse kiosk en het oosters paviljoen in Nederland 1700-1900’, in., Hans Theunissen, Annelies Abelmann en Wim Meulenkamp (red.), Topkapi & Turkomanie: Turks-Nederlandse ontmoetingen sinds 1600, De Bataafsche Leeuw, Amsterdam 1990, 118-129.
  • ‘Best of the Northwest: Some Notable Follies and Garden Buildings in The Netherlands, Belgium and Germany’, Follies: The Newsletter of the Folly Fellowship, no. 4, Autumn 1989, 2-4.
  • ‘A Note on the Tong Hermit’, Follies: The Newsletter of the Folly Fellowship, no. 3, Summer 1989, 4.
  • ‘Oog in Al’, in, Bonica Zijlstra (red.), Parken in Utrecht: de geschiedenis van de Utrechtse stadsparken, Matrijs, Utrecht 1988, 67-75 (met Dianne Hamer).
  • ‘Nimmerdor en Doolomberg: twee 17e-eeuwse tuinen van Everard Meyster’, Bulletin KNOB, LXXXVI, nr. 1, 1987, 2-14 (met Dianne Hamer).-‘”Eene schilderachtige hermitage…”: een inventarisatie van sierhermitages en kluizenaarspoppen in Nederland’, Antiek, XXI, nr. 5, december 1986, 297-301.
  • ‘Bois-Joly: de ‘druïdische monumenten van Edouard Joly te Ronse’, De woonstede/Maisons d’hier, nr. 72, vierde kwartaal 1986, 70-77 (met Anton Nuyten).
  • ‘Boekbespreking: Overijsselse buitenplaatsen’, Bulletin KNOB, LXXXV, nr. 4, 1986, 184.
  • ‘Het geval Alwin Seifert: een notitie over landschapsarchitectuur, biologische dynamiek en nationaal-socialisme’, Maatstaf, XXIV, nr. 8, augustus 1986, 24-29.
  • ‘Boekbespreking: De Havezathen in Salland en hun bewoners’, Bulletin KNOB, LXXXB, nr. 2, 1987, 75-76. -[Boekbespreking:] ‘De Nederlandse buitenplaats: aspecten van ontwikkeling, bescherming en herstel, H.W.M. van der Wijck’, Bulletin KNOB, LXXXII, nr. 3-4, 167-169.
  • ‘G. van Laars Magazijn van tuin-sieraaden als een voorbeeldenboek voor Nederlandse tuingebouwen’, Bulletin KNOB, LXXXII, nr. 3-4, augustus 1983, 124-141.
  • ‘Review: IJskelders’, The Garden History Society Newsletter, nr. 5, 1982, 8-9.
  • RAPPORTAGES:
  • ‘”Le pâtissier pittoresque”: tafeldecoratie en bouwkunde 1500-2000’, Portefolly, nr. 42, zomer 2015, 3-8.
  • ‘Explosies in de achtertuin’, Onze eigen tuin, LXI, nr. 3, herfst 2015, 2831. (over tuinvulkanen)
  • De tuingrot (mon. nr. 531032) van ’t Gasthuis, bij Bemelen: beschrijving, type, waardering, (opdracht RCE, Amersfoort) 2014. -‘De wildernis, de woestenij en de jungle’, Onze eigen tuin, LXI, nr. 2, zomer 2015, 36-39.
  • Het kunstmatige grottencomplex in het Boekenbergpark, Antwerpen-Deurne: waardebepaling, (opdracht: deelgemeente Antwerpen-Deurne) 2010.
  • Cementrustieke brug tegenover het Prinses Wilhelmina châlet in het park van Paleis Soestdijk: maker, techniek, herstel en waardebepaling; met opmerkingen over de kunstrotsen in de nabijheid van de brug en de basis van het Donauweibchen vóór de kassen of bloemserres, (opdracht: Rijksgebouwendienst Den Haag), 2008.
  • Een bewaard landschap: beschrijving & cultuurhistorische waardestelling buitengebied Nieuweschans, inzonderheid de Hamdijk (cum annexis), (opdracht: bezwaarmakers Partiële herziening Bestemmingsplan Buitengebied Nieuweschans), 2002.
  • Het hekwerk van het Park Eekhout, Zwolle (hoofdentree Burg. Van Royensingel): waardebepaling van het ontwerp, mede in relatie tot het park, (opdracht: Gemeente Zwolle), 2001.
  • Waardebepaling tuinaanleg De Mellard, Valburg, (opdracht: dhr. A.M.M. Daniëls), 2000.
  • Waardestelling façade voormalige tramremise der Amsterdamsche Omnibus Maatschappij, Amstelveenseweg 134, Amsterdam, (opdracht: dhr. Rob Logister), 1998.
  • Duiventoren Landgoed Sterkenburg Driebergen, (opdracht: Jhr. J.W. Steengracht van Oostcapelle), 1996 (met Th.J. Wit).
  • De grot op de Oldhorst (Gld.), (opdracht: Rijksdienst voor de Monumentenzorg, Zeist), 1994 (met Th. J. Wit).
  • Denkschrift voor de vervaardiging van een rustieke brug op Hasselholt, Ohé en Laak (opdracht: Mr. R. van Hövell tot Westerflier Wezeveld, Ohé en Laak), 1993.
  • ‘De grot, benevens verdwenen rotstempel en bergje op De Elshof te Malden (Gld.): beschrijving en waardebepaling’, in, Klaas Bomert, Verkennend Onderzoek Landgoed De Elshof te Malden, (opdracht: dhr. en mw. Corstens-Stieger), Nijmegen 1992, Bijlage 2 (met Anton Nuijten).

 

 

FacebooktwitterlinkedinmailFacebooktwitterlinkedinmail